Wigboldstenen (1)
Op de Grens/Dick Taat
[17 april 2008]
n onze grote kast met verzamelde
documentatie over grensstenen is een speciaal vakje voor
Wigboldstenen. Dat we in Overijssel rijksgrensstenen en grenspalen
kennen naast provinciale, gemeentelijke en domeingrenzen en zelfs een
driekante-paal hebben voor de grens van het Drostambt Twente met
Salland en Bentheim is bekend. Verder zijn er jachtpalen van
adellijke heren. Bij het Lonnekermeer zag ik ooit paaltjes met LvH
(Ludwig van Heek). En de Graven van Almelo hebben nog steeds een
groot aantal stenen palen met hun wapen er op rondom hun
rechtsgebied, die de grens met Ambt Almelo aangeven. Ook zijn er
flinke palen met SD, voor Schoutambt Delden; twee daarvan staan zelfs
midden in de stad Delden voor het gemeentehuis.
Rondom de stad Enschede (de oudst
bekende stadsbrief is van 1325) lagen grote veldkeien die de grens
van het rechtsgebied aangaven. In het proces verbaal van de
grensscheiding van 1826 met de gemeente Lonneker staat, dat “ter
meerdere zekerheid” bij steen 1 aan de weg naar Hengelo een
extra paal zal worden geplaatst. Het is bekend, waar de stenen aan de
uitgaande wegen lagen. Die hebben aangegeven, waar men het
rechtsgebied van de “Vrijheid van Enschede” (deze term is van
mij) binnen trad. Ze vormden een onregelmatige zeshoek: enkele
tientallen meters buiten de grachten.
Komend van Hengelo (en … van
Amsterdam !) passeerde men eerst de galg (waar nu het
belastingkantoor staat). Dat was alvast een waarschuwing: “Pas op,
hier heeft de magistraat de touwtjes in handen!”
Nu veronderstellen we in Enschede, dat
deze grens (de zeshoek) samenvalt met de grens van het Stadgericht en
het Landgericht.
In het Project Judex bij het
gemeente-archief worden de stukken geanalyseerd en geïndiceerd door
vrijwilligers.
Er zijn al banden van 1572, en vooral
C.J. Snuif en Cato Elderink hebben er veel originele bronnen in
gevonden. Het wemelt er van oude en nieuwe (en nog nieuwere)
stadszegels van witte en rode lak. Soms tussen fraai gevormde
strookjes papier. Ook van particulieren, die vaak zelf een eigen
cachet met een familiewapen bezaten.
Maar de jurisprudentie geeft geen
uitsluitsel over de betekenis der Wigboldstenen. Alle zittingen van
het gericht werden vastgelegd in de protocollen. Daar is slechts
incidenteel en sporadisch sprake van een “Wigboldsteen”. Op de
ouderwetse manier, vóór de instelling van het kadaster, om een
locatie nader aan te geven.
Er is weinig zicht op de betekenis van
een “Wigbold” van Enschede.
Was er in Enschede sprake van een
Wigbold?
Zelden komt men dit begrip tegen in de
oude originele stukken.
Over de grens, in de graafschap
Bentheim is een tekst bekend die meer licht kan geven over de
betekenis van een Wigbold.
J.C. Möller schrijft in zijn boek
Geschichte der Grafschaft Bentheim u.s.w. (uitgave 1879 – 1975, op
pagina 170/171), dat de Graaf Egbert von Bentheim in 1295 privileges
verleende aan de inwoners van Schüttorf en de “Weichbildsleute”.
Wanneer ze een jaar en zes weken daar gewoond hebben, kunnen ze
aanspraak maken op het vrije burgerschap. Volgens oud Saksisch recht
en op bepaalde voorwaarden. In een voetnoot staat: Aan de heilige
grenzen van de communen stonden heilige beelden. Tussen de stadsmuren
en de Weichbilder ontstonden voorsteden, voorburgten, brinken. De
mensen die dit betrof werden paalburgers genoemd. Want de heilige
beelden werden later vervangen door “eenvoudige” palen, zoals ze
nog te zien zijn in Lingen. Aldus onze oude pastor te Bramsche in
1879.
En nu twee vragen:
1. Wie kent literatuur over het begrip
en de betekenis van een Wigbold?
2. Welke steden in Nederland / Overijssel / Twente hadden Wigboldstenen?
Dick Taat, Lonneker
Op de Grens/Dick Taat
|